Hypotheekrecht gold ook voor borgstelling die partner later had verleend

Printvriendelijke versie

Bij veel echtparen wil het nog wel eens als een verrassing komen: de bank wil een privéschuld van één van de echtgenoten verhalen op beide partners, ook al zijn er huwelijkse voorwaarden gemaakt! Dan blijkt vaak dat man en vrouw ooit getekend hebben voor een krediethypotheek.

Heel veel mensen gaan een lening aan om hun gezamenlijke woning te financieren. Zij hebben hun huis dan als onderpand gegeven aan de bank. In de akte staat de aansprakelijkheid vaak met een zeer algemeen geformuleerde zinsnede opgenomen: ‘tot zekerheid voor de betaling van al hetgeen de bank blijkens haar administratie van de echtgenoten te vorderen heeft of mocht hebben, uit hoofde van verstrekte en/of alsnog te verstrekken geldleningen, verleende en/of alsnog te verlenen kredieten in rekening-courant, tegenwoordige en/of toekomstige borgstellingen, dan wel uit welken anderen hoofde ook’.

Een mond vol! Maar er staat eigenlijk dat de echtgenoten allebei aansprakelijk zijn voor huidige en toekomstige leningen, kredieten en borgstellingen, en hun huis daarvoor als onderpand geven. Dus als bijvoorbeeld de man zich jaren na de aankoop van het huis borg stelt voor een lening van zijn bedrijf en het bedrijf gaat failliet, dan kan de bank de man aanspreken. Als de man niet kan betalen heeft de bank het recht het woonhuis van het stel te verkopen. Het woonhuis is immers door het stel als onderpand gegeven.

Gaat u een leningsovereenkomst of hypotheekakte tekenen bij uw bank en twijfelt u over de formulering? Maak dan gerust een afspraak op ons kantoor voordat u tekent.

Bron: Hof Den Bosch 22 augustus 2017, nr 200.180.630/01 (GHSHE:2017:3753).