Overdrachtsbelasting verschuldigd bij aankoop stacaravan

Printvriendelijke versie

Het hebben van een stacaravan op een recreatiepark betekent voor veel mensen het hebben van een tweede (vakantie)huisje. Recreatieparken maken het mogelijk voor bezitters van een stacaravan om bijvoorbeeld een perceel grond in erfpacht te verkrijgen waarop de stacaravan kan worden geplaatst. Het recht van erfpacht houdt in dat men gedurende een bepaalde periode (meestal gedurende 25 jaar) het genot heeft van een perceel grond tegen betaling van een jaarlijkse vergoeding aan de eigenaar van de grond.

Bij het verkrijgen van het recht van erfpacht is de gerechtigde overdrachtsbelasting verschuldigd over de waarde van het recht van erfpacht. Maar is in dit geval ook overdrachtsbelasting verschuldigd over de koopsom van de stacaravan? Over deze vraag zijn in de afgelopen jaren een aantal procedures gevoerd.

Volgens het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden speelt hierbij een rol of de stacaravan of het chalet naar zijn aard of inrichting bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven. Naar zijn aard of inrichting wil in dit verband zeggen dat de stacaravan of het chalet bijvoorbeeld is aangesloten op de plaatselijke infrastructuur zoals het gas-, elektriciteit- en waterleidingnet. Het feit dat er een technische mogelijkheid is om de stacaravan te verplaatsen doet niets af aan het feit, dat de eigenaar van de stacaravan op het moment van het plaatsen van de stacaravan geen ander voornemen had dan deze langdurig en duurzaam ter plaatse te laten staan. Ook het sluiten van een langdurig recht van erfpacht wijst op de naar buiten kenbare bedoeling de stacaravan daar duurzaam te houden. De stacaravan wordt in dergelijke gevallen dus beschouwd als een onroerende zaak waarover bij verkrijging van die zaak overdrachtsbelasting is verschuldigd. Dit is anders bij het plaatsen van een stacaravan op gehuurde grond.

Wilt u meer voorlichting over het kopen van een stacaravan en de fiscale gevolgen daarvan? Maak eens een afspraak met ons kantoor. Wij zijn u graag van dienst.

Bron: Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 13 juni 2013, Notafax 2013/146